Van vrienden moet je het hebben

‘Doe nooit zaken met vrienden’, zei mijn opa altijd met opgeheven vinger. De goede man had verschillende goedlopende mkb-bedrijven opgezet en betrok daarbij een keer een vriend. Hij verloor veel geld.

Ik kan het mijn opa niet meer vragen, maar wat doe je als je er niet uit kunt komen met de niet-bevriende zakenpartners? Zeg maar, de dames en heren die je opzoekt omdat ze specialist zijn en verstand van zaken hebben. Ik heb een jaar geprobeerd mijn jeugdboek De Geldfabriek via deze ‘specialisten’ uit te geven, maar de een was niet ambitieus, de andere was ronduit lui en elke keer kreeg ik een lijvig contract voorgelegd waarbij niet alleen bijna alle inkomsten, maar ook vrijwel al mijn rechten naar hen moesten worden doorgesluisd. De geldfabriek, kader met plaatje

De druppel was de ‘moderne’ uitgever die het boek samen wilde uitgeven. Precies wat ik wilde. Totdat ik ook hier exact hetzelfde contract kreeg voorgeschoteld als bij die andere uitgevers. Met het verschil dat ik wel nog even enkele duizenden euro’s moest overmaken.

Toegegeven, er waren ook uitgevers die niet geloofden in een avontuur over geld. ‘Goed geschreven hoor, maar geldverhalen kopen moeders niet voor hun kinderen’, zeiden zij. ‘Daarom moet dit boek juist worden uitgegeven’, zei ik dan, maar ze durfden het niet aan. De Nederlandse Vereniging van Banken zag wel de noodzaak. Zij hadden het plan het boek aan alle basisschool kinderen uit groep zeven te geven. Cadeautje, zodat de kinderen een spannend leesboek hebben en tegelijk leren wat schuld met ze kan doen; het thema in het boek.

Het is er nooit van gekomen. Na driekwart jaar overleggen met bestuur en educatiespecialisten werd het verhaal pr-technisch te negatief verklaard. Het deed de meeste bankiers te veel denken aan de bekende probleembanken en die narigheid hadden ze nou net achter zich gelaten. Met schuld wilden ze niet meer worden geassocieerd. Sparen, daarop gingen ze inzetten bij kinderen. Kon ik niet daarover schrijven?

Het was mij duidelijk: ik had een publiek nodig dat bepaalde of dit boek het waard is te worden uitgegeven. En hoe kon dat beter dan via crowdfunding? Ik schreef me in bij crowdfunding platform voordekunst.nl en vroeg vrienden mij te helpen. Een bevriende illustrator zei direct: ‘Ik doe mee’, en hij tekende een reeks prachtige illustraties. Een camjo vriendin maakte een video en een bevriend stel met uitgeefervaring – die deze wereld eerder al vaarwel hadden gezegd vanwege dezelfde frustraties – loodste me door de begroting. Weer een vriend bood opslagruimte aan en mijn man – ook journalist – deed de correctie.

Sinds mijn vrienden erbij betrokken zijn, is het boek een project geworden: ambitieus, niet om er rijk van te worden, maar om het bij zo veel mogelijk kinderen te krijgen. Daarvoor is het geschreven. En als het publiek het hiermee eens is, dan wint iedereen hierbij, ook mijn vrienden. Ik realiseer me dat ik dwars tegen het advies in ga van mijn opa, maar ik weet zeker dat hij hiertegen geen bezwaar had gehad. Hij wist alleen niet dat crowdfunding bestond.

Jeugdjournaal, crisisarchief

Bij het Jeugdjournaal is ook vaak een item over de geldcrisis. De Geldfabriek houdt de verhalen over geld, schuld en lenen in de gaten.

Bekijk de link

Tessa en haar armoede

Armoede

Soms maken ouders verkeerde beslissingen in het leven, waardoor ze geen geld meer hebben. Dat overkwam Pippa in De Geldfabriek. Check hier het verhaal van Tessa.

Bekijk de link

SpangaS geldtest

Ben jij een echte spaarder, zoals Kasper? Of meer iemand die met geld strooit, zoals Pippa? In deze test kom je erachter op welk SpangaS-personage jij het meest lijkt!

Bekijk de link